Al vanaf de eerste seconde weet Wales te imponeren. We zijn amper de grens over en meteen worden we getrakteerd op groene heideheuvels, een vurige kustlijn en ruïnes die eeuwenoude verhalen fluisteren. En dit is pas het begin!
Na een paar maanden rondreizen op het vasteland van Europa — langs het pittoreske havendorpje Barfleur, de kleurrijke Franse Alpen, het ruige Jura gebergte en zelfs een stukje van Italië — is het nu tijd voor een nieuw hoofdstuk: het Verenigd Koninkrijk! Benieuwd naar onze camper stories in de UK? Lees hier ons verhaal:
South Wales, daar waar de wereld even stilstaat
Na ons gezellige pub-avontuur op de grens met Wales is het tijd om echt de grens over te gaan. En na drie dagen zonder douche (we ruiken onszelf nog niet 😉), hebben we zin in een camping. De campings vlak bij de grens zijn vol, dus besluiten we dieper Wales in te trekken. Op onze route ligt Brecon Beacons National Park, een bekend park vanwege zijn mooie bergpieken en heidelandschappen.
Eenmaal daar merken we als snel dat we niet de enigen zijn: de parkeerplaatsen staan vol, mensen parkeren én bbq’en zelfs in de berm langs de web. We kiezen er daarom voor om de drukte te vermijden en rijden iets verder door. Een halfuurtje later vinden we een rustige parkeerplek, waar de schaapjes langs de weg grazen. Zoals vaak in de UK delen we de wandelpaden met het vee. We lopen omhoog over een smal pad versierd met een deken van varens en genieten van het weidse uitzicht.

Na onze wandeling rijden we door naar de camping, gelegen aan een vismeer. De voorzieningen zijn wat eenvoudig, maar het uitzicht en de rust maken alles goed. Geen verkeer, geen mensenmassa’s — enkel het geluid van een roofvogel die boven ons cirkelt terwijl wij neerploffen op onze klapstoeltjes.

Na twee dagen bivakeren, gaan we weer op zoek naar een nieuwe plek. Dit keer voor een wildkampeeravontuur. Met frisgewassen oksels en een volle watertank is het plan: een parkeerplaats in het bos, aan zee en bij een oude kerk. Met 28 graden, zeker voor Engelse begrippen heet, niet verkeerd. Onderweg stoppen we bij onze vertrouwde Lidl en het kleurrijke kustplaatsje Tenby. Al van ver zien we de gekleurde huizen blinken. Op een zomerse dag is het er vooral ook erg druk. We rijden een rondje rondom het autovrije stadscentrum en vervolgen onze route naar St. Ishmael’s.
Wat een plek: een rustige bosrijke parkeerplaats, omringd door hoge bomen en dichtbegroeid groen. We parkeren de bus in een afgelegen hoek en lopen meteen richting zee. Onderweg komen we langs de oude kerk, met een begraafplaats waar de graven uit 1869 weer langzaam overgaan in natuur.

Via de oude stadsmuur wandelen we naar het strand. Het rode gesteente geeft de plek iets magisch, zeker bij ondergaande zon. We lopen een stukje van de Pembrokeshire Coast Trail en raken onder de indruk van de ruige kliffen, rode rotsen en het spel van licht en schaduw in het golden hour.
Dit is zo’n plek waar we stil van worden en waar de wereld even pauzeert. We plukken twee dagen lang dan ook elk moment om hier te wandelen en te genieten!

Benieuwd naar onze eerdere avonturen in Europa, lees ze hier: Italië, Frankrijk, België en Luxemburg.
Go Tiny Live Free is al 8 jaar actief met als missie: meer betaalbare, duurzame en vrije woonvormen. Van De Hopman tot 10.000 gerealiseerde woningen – een reis vol groei, projecten en persoonlijke keuzes. In 2025 trekken we met de camper door Europa, op zoek naar nóg meer vrijheid. Volg ons verhaal: out of office & on the road!